Mistiek.nl
Verrijk je Kennis

 

BEZOEK DE WEBSITE

KULTURU SANI

 

Reacties

 

 

BEZOEK DE WEBSITE HIER

Reacties

De Tapoe Kumanti winti's zijn machtige winti's en behoren toe aan het element lucht. Zij kunnnen in combinatie met andere winti's in verschillende variaties voorkomen.
Tata Opete of Ankana Jaw wordt door sommigen als het hoofd van de Kumanti winti's beschouwd, en weer anderen kennen deze positie aan Sofia Bada toe.
 
Er zijn verschillende soorten Kumanti winti's:
1. Mafu Kumanti winti; deze zijn afgezanten of boodschappers uit de kosmos, die uit naam van anderen spreken. Omdat ze zo zeldzaam zijn , weet men niet veel van hen af. Op de plaatsen waar zij zich geopenbaard hebben, wordt verteld dat ze grote zieners en genezers zijn. De Mafu maakt zijn volgelingen snel tot genezer of Obiaman. (obia = bezwering)
2. Seti of tapoe Kumanti winti (Tap'Kumanti); Deze winti's zijn sociaal verbonden met een volk of stam. Wanneer deze zich openbaren doen zij dat vaak door middel van vogels. Ze kunnen zich ook door middel van andere dieren openbaren.
3. Kreoro Tapoe Kumanti winti; Hoewel zij uit de kosmos komen zijn zij aardgebonden winti's. Ze hebben dezelfde eigenschappen als de andere twee. De Kreoro winti verblijft dichtbij de mensen om direct hulp te kunnen bieden. Zij zijn individueel verbonden met hun uitverkorene en béré (= familie, stamboom). Zij verblijven in het water en in het bos.
4. De Adumakuku winti; is waarschijnlijk de snelste Kumanti. Hij kan wonderen verrichten, en degene die door hem bezeten wordt vertoond hetzelfde gedrag.
5. De Aradjini Kumanti; Een weinig pratende winti uit de kosmos. Men moet hem als het ware dwingen om te praten.
6. De Adjani Kumanti; Degene die door deze winti bezeten wordt gedraagd zich als een tijger. Wanneer de muziek speelt moeten honden uit zijn buurt blijven, anders worden zij door hem gedood! Water drinkt hij niet uit een glas, de bonuman moet een kuil in de grond graven en deze vullen met (honden) bloed of water.
7. De Jaw Kumanti; Deze winti kan allerlei kunsten uithalen met vuur. Ook kan hij een flinke hoeveelheid Jenever nuttigen, waarbij de medium na afloop van de trance toestand geen teken van dronkenheid vertoond.
8. De Djibri Kumanti; Hij is zeer moedig en sterk, het is een oorlogsgod. Zijn medium verricht wonderen door zijn enorme kracht.
9. De Prasoro Kumanti; Hij spreekt de hoogste Kumantitaal. Hij wordt de Prasoro Kumanti genoemd omdat hij vliegt en kan staan in de lucht. Hij is niet alleen de mooiste maar ook de fijnste en beschaafdste Kumanti winti. Hij neemt altijd notitie van de gesteldheid van de aanwezigen. Hij fungeert als obia (= bezwering) en wordt vaak opgeroepen om ziekten te genezen. Zijn klederdracht is wit of donkerblauw-zwart.
10. De Tompoe Kumanti; Hij is een bijzonder krachtige winti die de mensen niet snel in trance brengt. Gebeurt dit wel dan gaat dit gepaard met onmogelijke prestaties. Zijn aanwezigheid bezorgd de omgeving angst.
11. De Sofia Bada Kumanti; Hij is een machtige en zelfstandige winti, die gevreesd wordt. Zelfs de bonumans (genezers) vrezen hem. Van zijn medium wordt gezegd dat deze overvloedig bloedt uit de vagina of penis.  Deze winti is één van de weinige winti's die met een slang verbonden is. Het is een korte slang met 6 of 7 knobbels op de rug. Hij kan zich snel voortbewegen, en is donkerbruin en ongeveer 40 cm lang.
 

Lees meer...   (15 reacties)
 
Een bakroe winti is een klein en boosaardige winti ( een lagere boswinti) die diensten verricht voor hogere winti's of zelfs mensen. Hij kan de gedaante van een dwerg of een kind aannemen. Hij is te herkennen aan zijn groot hoofd en rode ogen.
 
Er zijn 2 soorten bakroes:
- De bakroe die van oorsprong een geest is
- De Kartiki bakroe
 
Deze Kartiki bakroe is het enige wezen dat door de mens zelf wordt gecreërd. Hij wordt daarom de robot van de geestelijke wereld genoemd. (Ik kan niet met zekerheid zeggen of hij te vergelijken is met een zombie, omdat volgens mij een zombie een lijk is, die door een magiër uit het graf wordt gehaald en weer tot "leven" gebracht wordt)
Volgens zeggen zijn er mensen die bakroe's kopen om er zelf rijk van te worden of om rivalen te beheksen (wisie). Wanneer Kartiki bakroe gemaakt is, is hij echter zeer eenzijdig. Hij kan alleen bepaalde opdrachten verrichten. Hij wordt dus merendeels gebruikt om geldelijke winsten te behalen en als lokker bij de verkoop.
 
De Kartiki bakroe wordt soms ook ingezet om kwaad te doen. Dit kan omdat hij niet zelf kan denken en dus makkelijk inzetbaar is. Hij bestaat voor de helft uit hout en is moeilijk te bezweren.  Hij kan bij een mens het lichaam indringen en deze wordt dan door hem bezeten. Enkel met behulp van een krachtige winti kan hij verdreven worden. De bakroe verlaat het lichaam meestal onder het uitstoten van gillende geluiden. Degene die hem tot negatieve daden aanzet, betaalt echter een hoge tol wanneer hij/zij overlijdt; hij/zij wordt direct aan de bakroe verbonden!
 
Vaak worden er een mannelijk en een vrouwelijke bakroe gemaakt. Zo kan men door vermenigvuldiging in de geestelijke wereld, een hele bakru gemeenschap vormen.
 
 

Lees meer...   (50 reacties)
 
Deze winti's behoren tot de hogere orde van winti's. Hun element is aarde, en ze worden daarom ook wel Grong (grong = aarde of grond) winti's of Nengrekondre winti's (nengrekondre = land van Afrikanen) genoemd. De luangu winti komt uit Afrika, en is zowel mannelijk als vrouwelijk. Er zijn dus zowel mannelijke luangu winti's als vrouwelijke. In de winti taal worden door de wintigelovigen, de vrouwelijke luangu winti's Luangu Missie's genoemd, en de mannelijke luangu winti's Luanga Masra's.
 
De luangu winti is hoofdzakelijk een goedaardige winti. Deze winti's verlenen graag hulp, luisteren graag, beschermen tegen kwaadaardige (vertoornde) winti's, en houden van plezier in groepsverband. Luangu's zijn gevoelige winti's die in hun gedrag overeenkomen met de Aisa winti, nl de Gron Ma (= moederaarde).
 
In gevallen van bezweringen ( = obia) werken de luangu winti's samen met de Ampuku en de Kumanti winti's. In deze combinatie heten ze Luangu-Ampuku-Obia en Luangu-Kumanti-Obia.
In gezelschap van de Ampuku winti hebben zij de leiding en met de Kumanti winti werken zij samen in harmonie, omdat zij met deze laatste zeer goed overweg kunnen.
 
 
 
Lees meer...
De Asia winti kent binnen de winti religie verschillende soorten Aisa winti's.
 
Kóndre Aisa of plantage Aisa:
Deze Aisa staat aan het hoofd van alle Bere Aisa winti's van de verschillende families die van dezelfde plantage afkomstig zijn. Haar man is de Tátá Lókó winti en hij wordt ook wel Papa Lókó of Tátá Dato genoemd. Hij is een machtige slangen, welke bij de verering van Aisa absoluut niet vergeten mag worden. Aisa attendeert trouwens iedereen erop dat zij ook haar man moeten vereren. Wanneer Aisa om gunsten gevraagd wordt overlegt zij met haar man Tátá Lókó. Tátá Lókó verkiest een boom, het liefst bij het water, als vaste verblijfplaats. Meestal is het een Kankantri boom (hoogste boom die in Suriname groeit), en daarom wordt deze boom ook wel de Lókóboom genoemd. Echter verkiest hij soms ook een mópé boom (mópé = klein oranje vrucht) of een manja (= mango) boom.
 
Béré Aisa (béré = stamboom, familie):
Zij staat aan het hoofd van alle familie winti's.
 
Prasi Aisa (prasi = erf):
Zij hoort tot een bepaalde erf of grondgebied. Zij heeft meestal een Kapting Ingi winti (kapting = kapitein, ingi = indiaan) als partner. Als zij zich in de gedaante van een klará snéki  ( = ongevaarlijk zwart-wit gestreept slangetje) op het erf manifesteert, is dit een voorteken van een op komst zijnde zwangerschap van iemand, of laat zij weten dat iemand zwanger is.
 
Boesi of báká grón Aisa (boesi = bos, báká grón = plantage);
Zij hoort of is verbonden met het plantagegebied en de kostgronden.
 
De Aisa manifesteert zich vaak in de volgende wijze: Tu-ede sneki (tweekoppige slang) een haast beige achtige slang met twee stompe uiteinden die men tot de pootloze hagedissen rekent. Soms neemt zij ook de vorm van een krara-sneki aan, een zwart-wit gestreepte slangetje.

Haar man is de Loko, die ook de naam heeft van Tata Loko, Papa Loko of Tata Dato. Hij is de mannelijke Papa-sneki, Fodu of Nkese, die in de kankantri of de Loko-boom gevestigd is. (boom der goden)

De Loko Worden onderverdeeld in:
Kromanti tata Loko
Papa Loko
Luangu-Loko
Nkese-Loko

De Aisa winti en loko winti staan aan het hoofd van de gronwinti's (aarde winti's).
Ze is erg invloedrijk en dwingt respect af. Omdat Aisa een grong winti is wordt zij ook wel "Mama fu doti (moeder der aarde) genoemd. Behalve met de naam Mama Aisa, wordt de Aisa winti ook met de volgende namen aangeduid: Agidawenu, Soko ma, Néngrékondré ma, Aida, M'Aisa, Mama Awanaisa.
Mama Aisa heeft het beheer over alle winti's, en daarom wordt bij veel winti rituelen eerst om haar goedkeuring gevraagd, eer men verder gaat. Mama Aisa deelt haar geheimen aan degene die haar eerbied toont, via dromen, en beschermt hem.
 
Een belangrijke kenmerk van de Aisa Winti, is dat zij zich openbaart bij mensen die al wat ouder zijn (meestal vrouwen, vanaf de leeftijd van 40 jaar).
Middels dromen openbaart Aisa zich als een creoolse vrouw van middelbare leeftijd, gekleed in traditionele kleding (kótó = creoolse klederdracht). De Aisa winti brengt voorspoed en rijkdom, maar ook tegenspoed en armoede voor hen die het volgens Aisa verdienen.
 
Mama Aisa en Tátá Loko straffen na een overtreding niet meteen  maar geven, nadat zij in beraad gegaan zijn met de winti's van de béré (= familie of stamboom), eerst waarschuwingen via dromen. Schenkt men geen aandacht aan de waarschuwingen, dan sturen zij de Ampuku, de Adumankama, of de Akantasi winti om straffend op te treden.
 
Bron: Nel Sedoc - Verwijzing: Kultuurwaaier
 


Lees meer...   (25 reacties)
 
Tata Kantamasi
 
De kantamasi is een busi winti  met een verre oorsprong. Deze obia of winti is er één die niet aan iedereen zijn oorsprong prijs geeft. De Kantamasi is bijna verwant aan een ampuku winti. Het woord 'bijna' wordt genoemd omdat zijn oorsprong, vaardigheden en kennis dieper zijn dan die van de ampuku winti. De kantamasi behoort tot de lagere of de middenklasse winti. In tegenstelling tot de ampuku, die zijn oorsprong in Afrika heeft, is de kantamasi een Sranangrong konfo (een winti ontstaan in Suriname).
 
De kantamasi heeft zijn huis meestal onder of dichtbij een lokó boom. Ook in berggebieden, aan de voet van een berg vind men meestal deze winti’s. Deze nestelt zich aan de voet van een berg onder de grond. Zijn huis ziet er uit als een grote termietenhoop aan de voet van een berg of gehecht aan een boom. Als men dichtbij een kantamasihuis komt met een kompas, raakt de kompas totaal ontregeld. Mensen die naar het bos gaan moeten niet altijd volledig op hun kompas vertouwen, als Tátá Kantamasi in de bos woont. Een fles bier (op de grond sprenkelen) een beleefde groet en eerbiedige benadering stemt deze winti gunstig. Echter niet in alle termietenhopen woont een kantamasi winti. 
 
De busi (= bos) kantamasi verplaatst zich in het oerwoud door middel van lianen (= busi teté). Of de kantamasi eerder in Suriname was dan de Ingi winti’s is niet te zeggen. Wat wel zeker is, is dat de slaven in Suriname op aanwijzing en bemiddeling van de ampuku winti  in contact zijn gekomen met de kantamasi winti. Naast het feit dat de kantamasi winti's bijna alle eigenschappen van de ampuku winti's bezitten, bezit deze winti het vermogen en kennis om mensen en dieren te doen verdwalen.
 
Hij kan zich ook onzichtbaar maken, en zo kan het dat een persoon die een kantamasi winti heeft, zich soms kan verplaatsen zonder gezien te worden. Van deze gave hebben de gevluchte slaven (zij werden Marrons genoemd) gretig gebruik gemaakt.  Zo bleven zij uit de handen van de blanke slavendrijvers en de redimusus (= rode baretten, dit waren slaven met rode baretten op, die door hun meesters werden aangesteld om de weggelopen slaven, te vangen).
 
De overleveringen luiden, dat de gevluchte slaven veranderden in boomstronken en zandhopen, wanneer de redimusus en hun meesters hun dorp naderden, om vervolgens doeltreffend en efficiënt de aanval in te zetten. Het was de kennis en kunde van kantamasi, de grote krijger, guerilla en commandant in de verdediging van bos en oerwoud.
 
Daarom verwijst hij in één van zijn liederen naar die tijd van katibó (= onderdrukking).
In dat lied zegt hij:  "yu suku mi na liba, mi no de drape, yu suku mi na syoro mi no de drapé, suku mi ná busi, mi nó dé drapé, mi na akoro mi na menua man".
Vertaling: "Je zoekt mij bij de rivier, maar ik ben er niet, je zoekt mij aan wal, ik ben er niet, je zoekt mij in het bos, ik ben er niet, ik ben onzichtbaar, ik verdwijn wanneer ik dat wil.  In feite wordt een persoon niet écht onzichtbaar door de kantamasi winti, de winti zorgt er op de één of andere manier voor dat een ander de persoon niet kan zien of deze de persoon misloopt.
 
Een kantamasi winti  heeft een sterk indringende geur. Wanneer iemand in trance raakt door deze winti (de winti neemt bezit van het lichaam), dan ruikt die persoon op dat moment ook naar kantamasi. In het oerwoud gaat een kantamasihuis schuimen als hij wil dat men uit zijn buurt moet blijven. Een kantamasi is te vergelijken met een schuwe weeskat (ing na puspusi, a no habi tumsi gwenti = hij is zo schuw als een weeskat ). Zo gedraagt hij zich een beetje;  "ga jij je gang, ik kantamasi ga de mijne".
 
Hij is pritipanji (neemt geen blad voor de mond, een pritipanji is Surinaams voor 'gescheurde omslagdoek', en iemand die een gescheurde omslagdoek omheeft kan het dus niet schelen wat een ander van hem/haar denkt), denk dus niet hem de les te willen lezen.
 
De meeste du sma (=genezers) willen bijna nooit een kantamasi winti inwijden. Een kántámási obia laat zich zelden in de stad prepareren (dwz een sreka doen = inwijdingsritueel uitvoeren). Hij zal er alles aan doen om de mensen naar het bos te leiden. Eenmaal daar aangekomen zal hij al zijn kunnen openbaren aan de aanwezigen, meestal zijn dit familieleden en goede vrienden van de ingewijdene. kantamasi heeft vaak de neiging om de rol van de du man (=genezer) over te nemen. Maar een goede du man redt het in de meeste gevallen wel.
 
De kantamasi  is een sterke en dappere winti, en is af en toe ietwat confronterend. Als er een fuka (= familieruzie)  binnen zijn beré (= familie ) is, is hij één van de eerste winti's, misschien wel eerder dan de Ampuku winti, die dit zal aangeven.
 
Bron: Dhr. Agansu Gingetongo

Lees meer...   (7 reacties)
 
Mama Leba en Papa Leba
 
Mama leba en papa leba zijn één en dezelfde entiteit binnen de winti cultuur. De Leba is een bijzondere winti  in de winti cultuur. De leba oogst heel veel gezag en speelt een bijzondere rol bij het aanleggen en onderhouden van de contacten binnen de winti religie. De leba is de bewaker en hoeder van de kabra hoedt de mens voor de kwaadaardige en nutteloze geesten, die als de mogelijkheid het toelaat veel kwaad en schade kunnen toebrengen aan mensen, al dan niet gedirigeerd door boosdoeners (wisi man). De leba treedt op als een soort tolk. Hij is het die als eerst wordt aangeroepen bij elk winti ritueel, omdat hij contact legt met de winti's en de mens. Hij is te vergelijken met Eshu Elegbara, één van de goden uit de voodoo cultuur.
 
In de winti cultuur is de grens tussen winti en wisi (= beheksing) heel dun. Voor alle duidelijkheid een winti belijder en een wisi belijder verschillen groot van elkaar. Deze twee gaan nooit samen. Een wisi man kan alleen kwaad doen, dus anderen beheksen, en geen goed doen, omdat hij een pact met demonen heeft gesloten. Een doe man of obia man ( winti genezer) bezit krachtige en hoge winti's, middels wie hij mensen geneest of adviseert. Waar legt men de grens? Deze grens is heel vaag, en wordt door ieder individu zelf bepaald, naar zijn eer en geweten. Wat velen niet weten is dat eer men een ander behekst (een wisi stuurt), men eerst een Leba pai (offer aan Leba, pai = betaling) neerlegt bij de poort op straat, of in de omgeving van het slachtoffer. Deze pai dient om de natuurlijke bescherming gunstig te stemmen om de boze praktijk te doen slagen. In de winti religie is het dan ook belangrijk om van tijd tot tijd een Leba pai in de omgeving van uw huis te plaatsen.  Hierdoor kunnen kwaadaardige  mensen of uw vijanden, dan niet meer komen, om de omgeving gunstig te stemmen met een pai. Men is dan de kwaadwillige voor.  Trouwe winti belijders koesteren op deze zichzelf én hun  leefomgeving.
 
Iemand die zijn winti's onderhoudt en leeft volgens de regels van de schepper Anana (God) Kedoeaman, Kedoeampon en de regels van deze cultuur en zich wil laten inwijden (een sréka neemt), doet er verstandig aan om met de Leba te beginnen. Dit doet de persoon door een Leba pai te plaatsen op een plek in het land van geboorte, afhankelijk van de analyse (loekoe) van een geraadpleegde genezer (doe man of obia man). Dit is nodig, om de leba te vragen om begeleiding.
 
De leba onderhoudt contacten met de familiewinti's en de Kabra's en alle andere entiteiten die bij een sréka (inwijdingsritueel) aanwezig horen te zijn. Wanneer men plaatsen van vroegere voorouders moet bezoeken, geeft de Leba dat door aan belangrijke stamwinti's. Ook bemiddelt de leba als er bepaalde obstakels zijn, of waren. Hij maakt de weg vrij voor verzoening. Vooralsnog, wat voor soort pai men zet, de Leba pai hoort als eerste geplaatst te worden.
Bij een jójó pai hoort een Leba pai, een liba pai (offer voor de rivier, liba = rivier) , een boesi pai (offer aan het bos, boesi = bos), een grong pai (offer aan de aarde, grong = grond), een Kabra tafra (offer aan de overleden voorouders, tafra = tafel),  een jéjé of kra tafra ( offer aan eigen ziel) en verder alle andere rituele verrichtingen.
 
Leba heeft ook een opruimende functie, letterlijk en figuurlijk. De Leba behoedt de buurt of omgeving van rampspoed en boze geesten en beschermd mensen, vooral kinderen die onder zijn paraplu geboren zijn.  Hierentegen verlangt de Leba dat de mensen die in zijn buurt wonen deze dan ook schoonmaken en onderhouden. Indien men dit niet doet, laat de Leba van zich horen en gaat hij 's nachts tekeer. Men zegt dat dit te merken is, als honden 's nachts huilen en blaffen zonder enige aantoonbare reden. De leba is dan op pad. Het is dan goed om na te gaan of de tuin of erf, of de buurt aan een grote schoonmaakbeurt toe is, en na te gaan wanneer er voor het laatst een leba pai gezet is.
In sommige gevallen kon het ook voorkomen, dat als er iemand in een buurt zou komen te overlijden, de Leba enkele avonden van tevoren tekeer ging. Merkwaardig was het dat als de Leba tekeer ging met zijn roepgeluiden, deze gevolgd werden door het geblaf en gehuil van honden, waardoor de schrik er bij de mensen goed in zat. Eén ding is zeker, en dat is als de Leba tekeer gaat,  de buurt gevrijwaard is van boze geesten, want de Liba drijf tze weg. 
 
De verblijfplaats van de leba is vaak onder een bananenboom. Men beeldt hem af als een stokoude man, gehuld in vodden of bananenbladeren.

Lees meer...   (11 reacties)
 

 

De dansstijlen zijn voornamelijk Ampuku winti, maar ik kan het verkeerd hebben. Graag correctie indien dit niet zo is. Bij de voodoo traditie is het Shango de krijger die onkwetsbaar is voor vuur.

Lees meer...
 
Hier een lijst van de verschillende winti namen.
Klik op de ondersteepte namen als je meer wil weten over de verschillende winti's.
 
De Aisa (aarde element) onderscheidt zich in: 
Sisi  (statige en deftige aisa)           
Soko Mama
Ma aisa         
Baka-goron-aisa (plantage Aisa)        
Goron Mama (moeder aarde)       
Mama Fu Nengre Kondre   (= moeder van het negervolk)

De Loko (lucht element (natuur, fauna) onderscheidt zich in:
Tata Loko         
Gedeusu
Adjida Loko

De Leba (boodschapper, waker, hoeder) onderscheidt zich in:
Mama Leba              
Papa Leba
Pasi-Leba
Aferekete

Lees meer...   (5 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl